Daisy strijdt tegen 'weeshuistoerisme': 'Grote show om westerlingen te vermaken'

Het is een pijnlijke conclusie die Daisy trekt op basis van haar eigen ervaring en alles wat ze sindsdien over het 'weeshuistoerisme' heeft geleerd: hoe goed je intenties ook zijn, doordat je als vrijwilliger in een weeshuis gaat werken, houd je een verschrikkelijke industrie in stand waarin kinderen niet worden geholpen, maar worden uitgebuit.
Groot rechtvaardigheidsgevoel
Terug naar 20 jaar geleden. Net als veel jongeren wist Daisy na haar eindexamen niet wat ze wilde gaan doen. Dus ging ze werken. "Ik verdiende daarmee meer dan ik nodig had, dus ik kon goed sparen. Daarnaast heb ik altijd een groot rechtvaardigheidsgevoel gehad, het besef dat waar je geboren bent je leven bepaalt."
Daisy besloot te gaan reizen. "Wij gingen vroeger niet op vakantie, dus ik was maar in één ander land dan Nederland geweest, en nooit buiten Europa. Ik wilde de wereld zien, en dat ik dat kon combineren met iets goeds doen, leek een heel mooie combinatie. Ik had ook heel veel keuze: in landen, in type vrijwilligerswerk..."
Pleidooi tegen 'weeshuistoerisme': 'Kind voelt zich gedumpt en afgewezen'
Ze koos ervoor om twee maanden te gaan werken in een weeshuis in een bergdorp in het noorden van India. Wat ze daar zou gaan doen, zou later worden bepaald. "Het werd voornamelijk Engelse les geven aan een klas met kinderen van, ik schat, tussen de 4 en 12 jaar oud. In de klas zaten zo'n 30 tot 40 leerlingen, sterk wisselend want niet elk kind kwam elke dag."
"Je moet je voorstellen: we zaten daar met tussen de 30 en 50 vrijwilligers in een heel klein bergdorpje. Dat werd compleet overspoeld door vrijwilligers uit het Westen. In het dorpje waren allerlei projecten: weeshuizen, scholen, combinaties daarvan. "
'Wat deed ik daar?'
Nu denkt ze: wat deed ik daar? "Ik kwam net uit de schoolbanken gerold, had geen relevante opleiding of achtergrond om les te geven of met deze kinderen om te gaan. Ik sprak geen Hindi, de kinderen geen Engels. Ik hoefde geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG, red.) te overhandigen."
"Mijn intenties waren echt heel oprecht, ik hoopte dat ik het verschil kon maken voor die kinderen, maar al snel merkte ik dat dat niet zo makkelijk was als ik dacht. Ik had niet de kennis om de aandacht van de klas te krijgen of ze iets te leren, er zijn niet voor niets opleidingen om les te geven natuurlijk."
"Daarnaast waren er bijvoorbeeld geen schoolboeken. Ik moest zelf maar pennen en schriftjes kopen en daar opdrachten in schrijven. Maar welke opdrachten dan? Op welk niveau? Bijna volle dagen stond ik voor die klas, ik werd ook niet afgewisseld door een docent die wel wist wat hij deed. De kinderen vonden het wel leuk, die konden lekker spelen en om mij heen hangen, maar iets leren deden ze niet."

Met een dubbel gevoel gaat Daisy na die maanden terug naar huis. "Het was daar prachtig in de bergen, die had ik nog nooit in mijn leven gezien. Ik genoot van de omgeving, van dat alles daar anders was dan hier. Maar het gevoel dat ik geen verschil gemaakt had voor die kinderen, nam ik ook mee terug. Ik dacht toen dat het aan mij lag, heb het weggestopt en er met niemand over gepraat. Heel veel mensen zijn ook heel complimenteus: 'Wat goed dat je die kinderen bent gaan helpen!' Wat moest ik dan zeggen? 'Ik heb niets bereikt'?
Totale eyeopener
Tijdens de opleiding die ze daarna ging doen, volgde Daisy een minor Humanitarian Management in Zuid-Afrika. Ze las het boek De Crisiskaravaan van Linda Polman, over hoe de humanitaire hulpverlening een industrie is geworden. "Tot dat moment voelde ik dat er iets niet klopte. Maar nu wist ik: dit was waar ik onderdeel van was. Het was een totale eyeopener."
"Dat vrijwilligerswerk is een grote show om Westerse jongeren te vermaken, ten koste van die kinderen. En het is lucratief ook. Als ik nu terugdenk aan wat ik heb moeten betalen om daarheen te gaan, dan is er heel veel geld aan de strijkstok blijven hangen. We woonden met al die vrijwilligers in een aftandse villa, eten kostte daar weinig. Ik weet niet naar wie de rest van het geld ging, maar in elk geval niet naar de kinderen."
"Unicef schat dat 80 tot 90 procent van de kinderen in weeshuizen helemaal geen wees is."
Het is een heel harde conclusie: je gaat met zulke goede intenties ergens heen en draagt daarmee bij aan het in stand houden van een industrie waar de kinderen het grootste slachtoffer van zijn. En toch is dat wat het is, zegt Daisy, die na haar studie jarenlang als impactmanager werkte in de reiswereld, om te zorgen dat die bedrijven niet meer meewerkten aan het uitbuiten van kinderen in weeshuizen.
Kinderen met hechtingsproblemen
"Er zijn meerdere onderzoeken naar gedaan. Unicef schat dat 80 tot 90 procent van de kinderen in weeshuizen helemaal geen wees is. Ze komen uit arme gezinnen, hun ouders wordt beloofd dat ze een goede opleiding krijgen en er goed voor hen wordt gezorgd. Maar wel tegen een prijs. Vaak moeten die ouders spullen verkopen om dat te kunnen betalen. En dan komen ze helemaal niet op een goede plek terecht, maar dat weten de ouders niet, want er is geen geld meer om hen te bezoeken."
Zulke weeshuizen zijn slecht voor de ontwikkeling van kinderen, omdat er weinig onderwijs wordt gegeven. Ze hechten zich aan vrijwilligers, die na een paar maanden weer weggaan en vervangen worden door nieuwe vrijwilligers. Daardoor ontwikkelen ze hechtingsproblemen en loopt hun vertrouwen in mensen een ernstige deuk op.

"Daarnaast lopen de kinderen ernstige risico's op misbruik", zegt Daisy. "Want ik ging erheen met goede intenties, en dat geldt vast voor veel mensen, maar we weten ook dat er mensen zijn die slechte intenties hebben. Doordat je niet hoeft te bewijzen dat je een goed verleden hebt, kan iedereen met die kinderen omgaan."
"Er zijn zelfs verhalen bekend over kinderen die in weeshuizen te weinig eten krijgen of worden verminkt, omdat 'zielige' kinderen meer donaties opleveren van toeristen. En zodra de kinderen niet genoeg geld opleveren of te oud zijn, worden ze op straat gezet."
Slachtoffer van wanpraktijken
Toch zijn er ook in de weeshuisindustrie mensen met goede bedoelingen, zegt Daisy. Zoals Westerse mensen die naar arme landen gaan en daar een weeshuis openen. Maar zelfs de kinderen die daar zitten zijn vaak slachtoffer van wanpraktijken.
"Die worden er bijvoorbeeld door mensenhandelaren heen gebracht. Die mensen hebben hun ouders veel geld laten betalen voor een 'goede toekomst' voor hun kind, en laten de kinderen vervolgens achter aan de poort van het weeshuis. Of ze komen met vervalste overlijdensverklaringen van hun ouders."
"Dan worden ze met de beste bedoelingen opgenomen in het weeshuis, maar ze horen gewoon thuis, bij hun familie. Die moet je financieel ondersteunen als je wil bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen. Maar ik snap dat dat minder sexy is dan werken bij een weeshuis."

Nu de eindexamens bezig zijn en veel jongeren nadenken over een tussenjaar, heeft Daisy een boek geschreven. Een roman, gebaseerd op haar ervaringen in de weeshuisindustrie en verhalen van organisaties die kinderen daar uit proberen te halen. Geen Weesmeisje, heet het boek.
"Ik hoop dat het gelezen wordt door jongeren die dan beslissen om hier niet aan mee te werken. Kinderen zijn geen toeristische attractie, hoorde ik ooit, en dat is zo raak. Ga een mooie reis maken, ga vrijwilligerswerk doen in Nederland, maar laat deze kinderen met rust. Ga niet in een weeshuis werken, niet op excursie naar een plaatselijk schooltje waar je moet betalen en de les dan wordt stilgelegd om jou te laten zien hoe goed ze bezig zijn."
Never nooit meer
Ze draait het weleens om, vertelt ze, om te laten zien hoe bizar de situatie eigenlijk is. "Stel je voor dat hier kinderen uit India komen die net hun middelbare school hebben afgerond en een klein beetje Engels spreken. En zij komen onze kinderen, zonder VOG of opleiding, Engels leren of voor hen zorgen. Dat zou idioot zijn. Niemand zou dat accepteren. Maar andersom doen we het wel."
Of ze spijt heeft van haar reis? Dat vindt ze een lastige vraag. "Mijn ervaringen hebben ertoe geleid dat ik me nu inzet om deze vorm van toerisme te stoppen. Maar als ik toen geweten had wat ik nu weet, dan had ik het never nooit gedaan. Dat weet ik heel zeker."
Klik hier voor meer Lifestyle
