3 jaar cel dreigt voor broer van Spaanse premier Sánchez, hij kreeg betaald voor niets doen

David Sánchez is twee jaar jonger dan de premier. Qua levensloop zijn de twee broers compleet verschillend. Terwijl Pedro omhoog schoot binnen de Spaanse socialistische partij PSOE, werd David opgeleid tot klassiek violist. Hij werkte bij verschillende orkesten, belandde een tijd in Sint Petersburg in Rusland, om daarna binnen Spanje weer op te duiken in de stad Badajoz, pal tegen de grens van Spanje en Portugal. Daar werd hij in 2018 benoemd tot directeur muziek bij de lokale overheid. De beschuldiging is dat die functie voor hem in het leven werd geroepen en dat hij die had moeten weigeren, omdat hij zelf kon inzien dat dat volgens de wet niet mag.
'Justitie is vooringenomen'
Er speelde nog wel meer rond David Sánchez. Zo zou hij net aan de andere kant van de Spaans-Portugese grens zijn gaan wonen om geen belasting te betalen. Er zijn ook de nodige vragen over hoe het kon dat hij daar een huis had met vijf badkamers, drie keukens en drie woonkamers, terwijl hij per jaar 60.000 euro verdiende. Maar daarover ging het in de rechtbank vandaag niet.
Waar het vandaag wél ook over ging, was volgens David Sánchez en zijn advocaat onvoldoende grond voor een rechtszaak. Sánchez' advocaat vindt dat er bij justitie sprake is van vooringenomenheid richting iedereen in de directe omgeving van premier Sánchez, alsof iedereen daar corrupt is.

Er spelen inderdaad nogal wat zaken tegen mensen rondom Sánchez. Op 9 juni begint de rechtszaak tegen Begoña Gomez, de echtgenote van de premier. Zij runde een masteropleiding en zou in die tijd haar positie als vrouw van de premier hebben misbruikt om haar eigen onderneming vooruit te helpen. Voor bedrijven die werknemers aanmeldden bij haar opleiding, zou ze een goed woordje hebben gedaan bij haar man.
Politie op partijkantoor
Eerder deze week nam de politie op het partijkantoor van de PSOE de administratie in beslag. Dat had te maken met een onderzoek tegen de man die jarenlang de naaste adviseur van Sánchez was. Deze Santos Cerdán zou steekpenningen hebben aangenomen van bouwondernemers en hen in ruil daarvoor aan lucratieve overheidsopdrachten hebben geholpen.
Er loopt ook een onderzoek tegen oud-premier José Luis Zapatero een partijgenoot van Sánchez. Hij wordt ervan beschuldigd betrokken te zijn geweest bij geldstromen tussen Spanje en Venezuela, die tot doel hadden kapitaal wit te wassen van Nicolas Maduro, tot begin dit jaar president van Venezuela.

Door de stapeling van zaken roept de Spaanse oppositie al een tijd om verkiezingen. Die staan gepland voor de zomer van 2027. Ook een deel van zijn eigen partij wil dat de regering nu al wordt ontbonden en dat Spanjaarden kunnen gaan stemmen.
Sánchez weigert. Hij concentreert zich de laatste tijd vooral op buitenlands politiek. Op die manier is hij zo weinig mogelijk in eigen land. Ondertussen moet hij vooral hopen dat er vrijspraak komt in een of meer van de zaken tegen de mensen in zijn omgeving. Als dat gebeurt, kan Sánchez het verloren gegane vertrouwen weer terug proberen te winnen.
