Laden

RTL Nieuws

Jens vloog 29 jaar op de traumaheli en snapt niet waarom fietsers geen helm dragen

Daphne Cornelisse··Aangepast: 
Als Jens Murke door Twente en het Duitse grensgebied rijdt, herkent hij overal plekken waar hij ooit met zijn traumahelikopter is geland. Een weiland, een weg of een stuk grond tussen de huizen: iedere plek hoort bij een ongeluk en bij iemand die om een andere reden dringend hulp nodig had. Na 10.000 vluchten in zijn gele traumahelikopter blikt hij terug.Maak RTL je Google-favoriet
Jens vloog 29 jaar op de traumaheli en snapt niet waarom fietsers geen helm dragen
Jens

Vliegen wilde Jens al toen hij klein was. Als jongen vond hij het in films al prachtig om helikopters met hoge snelheid te zien naderen en in één beweging te zien landen. Hij bouwde modelvliegtuigen, begon op zijn 18de met zweefvliegen en werd daarna helikopterpiloot bij de Duitse krijgsmacht. 

Na twaalf jaar maakte hij de overstap naar de luchtvaartredding, maar dat lag niet direct voor de hand. "Ik kon geen bloed zien", vertelt hij. Daarom had hij een baan op een traumahelikopter lange tijd uitgesloten.

Lange werkdag

Toch solliciteerde hij na zijn vertrek bij Defensie bij de ADAC, vergelijkbaar met de ANWB in Nederland. Zo kwam hij alsnog in de spoedzorg terecht, waar hij 29 jaar in de traumahelikopter vloog. 

Zijn werkdag kon om half zeven 's ochtends beginnen en tot tien uur 's avonds duren. Soms vloog het team drie of vier keer op een dag. Op andere dagen gebeurde urenlang niets. Toch moest de bemanning voortdurend klaarstaan om binnen enkele minuten te vertrekken.

© MSTJens in zijn helikopter
Jens in zijn helikopter

Het bloed, waar hij eerst niet tegen kon, bleek snel te wennen. Al bleven de inzetten waar kinderen bij betrokken waren altijd lastig. Maar hij focust liever op wat hij heeft kunnen betekenen met zijn ambulancehelikopter. Het mooiste moment uit zijn loopbaan kan hij niet aanwijzen. Het waren volgens hem vooral de momenten waarop alles goed ging. "Als je de patiënt veilig in het ziekenhuis had gebracht en wist dat je echt iets goeds had gedaan."

Soms wist het team dat een slachtoffer zonder hun hulp waarschijnlijk niet zou hebben overleefd, bijvoorbeeld na een ernstig verkeersongeluk of wanneer iemand na een reanimatie weer een hartslag kreeg.

Steeds opnieuw

Over die ernstigste ongelukken praat Jens niet uitvoerig. "We vliegen niet naar de goede dingen", zegt hij nuchter. "Voor veel mensen gebeurt zoiets één keer in hun leven. Wij maken het steeds opnieuw mee."

Veel patiënten heeft Jens nooit meer teruggezien. Ze waren tijdens de inzet vaak buiten bewustzijn en zouden de piloot later niet herkennen. Heel soms hoorde de bemanning achteraf dat iemand lopend het ziekenhuis had verlaten. Sporadisch kwam een patiënt naar de basis om de hulpverleners te bedanken.

© MSTAfbeelding

De grootste beloning zat voor Jens in de wetenschap dat iemand levend in het ziekenhuis was aangekomen. "Als je iemand hebt overgedragen en weet dat hij wordt geholpen, geeft dat een goed gevoel."

Steeds voorzichtiger

Hoe langer Jens op de traumahelikopter werkte, hoe voorzichtiger hij zelf werd. Na duizenden inzetten weet hij hoe klein het verschil kan zijn tussen veilig thuiskomen en een ongeluk dat een leven voorgoed verandert. Hij zag de gevolgen voor automobilisten die nog snel probeerden in te halen. "Dan moet je eens tellen hoeveel tijd je daarmee wint: één, twee seconden. Is dat het echt waard?"

Hij begrijpt ook niet dat mensen zonder helm op de fiets zitten. "Je moet eens proberen een meloen op de grond te gooien met en zonder helm erop. Dan snap je het verschil wel."

Jens
Jens

Verdrinkingen blijven Jens ook bij. Mensen overschatten volgens hem hoe goed ze kunnen zwemmen of raken na alcoholgebruik in de problemen. Wie geen sterke zwemmer is, zou zwemles moeten nemen of een klein drijfhulpmiddel mee kunnen nemen. "Ik ben zelf ook geen goede zwemmer, maar ik kán wel zwemmen. En er bestaan van die kleine boeien. Als je kramp krijgt of niet meer kunt, heb je iets om je aan vast te houden."

"Een beetje verstand gebruiken bij dit soort dingen. Dat zou mooi zijn."

Hetzelfde geldt voor barbecueën. Jaar na jaar zag hij slachtoffers die brandwonden opliepen doordat iemand spiritus of een andere brandbare vloeistof op het vuur gooide. Zeker met kinderen in de buurt begrijpt hij niet dat mensen dat risico nemen. "Het kan niet alleen degene raken die het doet, maar ook iedereen eromheen. Het risico is niet abstract. Het is niet: misschíen gebeurt er iets. Er gebeurt echt iets."

Jens wil mensen niet vertellen dat ze niets meer mogen. Hij hoopt vooral dat ze net iets langer nadenken: een helm op de fiets, niet roekeloos inhalen, voorzichtig zijn bij het water en geen brandbare vloeistof op een barbecue gooien. "Een beetje verstand gebruiken bij dit soort dingen. Dat zou mooi zijn."

'Een echt team'

Een traumahelikopter vliegt met een klein team: een arts, gespecialiseerd verpleegkundige en de piloot. Jens was als piloot vooral verantwoordelijk voor het toestel en de veiligheid, en als er extra handen nodig waren, kon hij het medische team ondersteunen. "Het is echt een team", zegt Paul Esveldt, helidekbeheerder bij het Medisch Spectrum Twente. "Team met hoofdletters, onderstreept en met uitroeptekens."

© MSTDe traumahelikopter van Jens landt op het dak van het MST.
De traumahelikopter van Jens landt op het dak van het MST.

De behandelruimte in de helikopter is klein: ongeveer zo groot als een vierpersoons eettafel. Daar liggen de patiënt en alle medische apparatuur, terwijl de arts en verpleegkundige nauwelijks bewegingsruimte hebben. Ze kunnen vooral bij het hoofd en de romp van de patiënt, bij de benen kunnen ze tijdens de vlucht vrijwel niets doen.

Weet niet wat je aantreft

Tijdens het gesprek klinkt plotseling een automatisch alarm. In Vriezenveen is mogelijk een traumahelikopter nodig. Paul opent de radar op zijn telefoon. De helikopter stijgt op vanuit Rheine en vliegt richting Twente, maar de medewerkers van het MST hoeven uiteindelijk niet naar het dak te gaan. De ambulance ter plaatse besluit dat de komst van het traumateam toch niet nodig is. De inzet wordt afgebroken en de helikopter keert terug.

Voor Jens was dat jarenlang onderdeel van het werk: vertrekken zonder precies te weten wat je aantreft en soms enkele minuten later alweer teruggeroepen worden.

Belangrijkste taak

Veel mensen denken dat een traumahelikopter vooral bedoeld is om een patiënt zo snel mogelijk naar een ziekenhuis te vliegen. Dat is meestal niet de belangrijkste taak. De helikopter brengt vooral een gespecialiseerde arts en verpleegkundige naar de plaats van een ernstig ongeluk. "Je brengt eigenlijk zo snel mogelijk een kleine traumakamer naar de patiënt", legt Paul uit.

© MSTJens met het helidek-team van het MST.
Jens met het helidek-team van het MST.

Het medische team kan iemand ter plaatse stabiliseren, beademen en behandelen. Daarna wordt bepaald welk ziekenhuis en welk vervoer het meest geschikt zijn. Vaak gaat de patiënt per ambulance en rijdt de trauma-arts mee. Alleen wanneer vliegen sneller of medisch beter is, wordt de patiënt in de helikopter meegenomen.

Wanneer een patiënt wel per helikopter wordt vervoerd, is de bestemming vaak niet het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Mensen met ernstige brandwonden moeten bijvoorbeeld naar het brandwondencentrum in Beverwijk worden gebracht. Kinderen vliegen soms naar gespecialiseerde ziekenhuizen in Groningen of Nijmegen. "Je moet altijd nadenken en afwegen wat er mogelijk is", legt hij uit.

Intensieve samenwerking

Dat Jens zo vaak op het MST vloog, komt omdat Twente lange tijd geen 'eigen' traumaheli had. Die staan in Nederland alleen in Groningen, Nijmegen, Amsterdam en Rotterdam. Toen hij voor het eerst bij het MST landde, was er nog niet eens een helikopterdek op het dak. De helikopter kwam neer op een grasveld achter het ziekenhuis.

"Er zijn echte vriendschappen ontstaan."

In 2005 werd het huidige helidek in gebruik genomen. In de tussenliggende jaren groeide ook de band tussen de Duitse bemanningen en de medewerkers van het MST. "Er zijn echte vriendschappen ontstaan", zegt Jens die zelf vlak over de grens in Duitsland woont. "Ik ben niet iemand die altijd zomaar op andere mensen afstapt. Dat is hier langzaam gegroeid."

Afbeelding

Paul Esveldt en Maurice Winkel behoren tot de medewerkers die klaarstaan wanneer een traumahelikopter op het ziekenhuis landt. Maurice zag Jens jarenlang aankomen op het dak van het MST. Ondanks de spanning rond een ernstig gewonde patiënt, zag hij de piloot nooit zichtbaar gestrest. "Jens was altijd relaxed", zegt hij. "Al was er nog zoveel stress rond de patiënt. Hij had één taak: ervoor zorgen dat iedereen veilig op het dak kwam."

Paul noemt hem zorgvuldig en ordelijk. Iedere piloot heeft volgens hem een eigen manier van aanvliegen en landen, bijna als een handtekening. De landingen van Jens waren zeker herkenbaar, vertellen zijn collega's van het MST, want Jens maakte er een sport van de helikopter zo vloeiend en precies mogelijk neer te zetten.

"In al die jaren heb ik hem eigenlijk nooit op stress kunnen betrappen."

Op drukke dagen kwam het voor dat het team nauwelijks tijd had om te eten. Bij het MST konden de Duitse bemanningen daarom na een landing altijd aanschuiven voor eten of koffie. Dat soort kleine gebaren versterkten de band. "Op papier hebben we allemaal een eigen rol en verantwoordelijkheid", zegt Maurice. "Maar in de loop der jaren zijn we zo dicht naar elkaar toegegroeid dat het voelt alsof we één team zijn."

Prijs

Jens droeg het MST-team daarom voor voor een Europese veiligheidsprijs. Hij had veel landingsplaatsen en ziekenhuizen gezien en vond de organisatie in Enschede uitzonderlijk goed. "Wat ze hier doen, is niet standaard. Ze verdienen erkenning."

© MSTPaul Esveldt (links) en Jens Murke bij de traumahelikopter.
Paul Esveldt (links) en Jens Murke bij de traumahelikopter.

Ruim 400 keer landde hij bij Medisch Spectrum Twente (MST) in Enschede. Dit jaar kwam daar een einde aan. Hij werd 60 jaar en mag vanwege Europese regels niet langer in zijn eentje een traumahelikopter besturen. Jens heeft er vrede mee, zegt hij. "Het was een mooie tijd. Maar het was ook zwaar."

Grenzen stellen

Hij verzet zich niet tegen zijn pensioen en begrijpt dat er grenzen worden gesteld aan zijn beroep, waarin lange werkdagen, hitte, lawaai en voortdurende concentratie samenkomen.

Helemaal afscheid nemen van de luchtvaart doet hij niet. In Münster begeleidt hij bezoekers in een vliegsimulator en houdt hij zich bezig met kleine ultralichte vliegtuigen. Maar de oproepen voor ernstige ongelukken zijn voortaan voor andere piloten.

Zondaginterview

Elke zondag publiceren we een interview in tekst en foto's van iemand die iets bijzonders doet of heeft meegemaakt. Dat kan een ingrijpende gebeurtenis zijn waar diegene bewonderenswaardig mee omgaat. De zondaginterviews hebben gemeen dat het verhaal van grote invloed is op het leven van de geïnterviewde.

Ben of ken jij iemand die geschikt zou zijn voor een zondaginterview? Laat het ons weten via dit mailadres: zondaginterview@rtl.nl

Lees hier de eerdere zondaginterviews.

Deel artikel