Regenboogsymbolen werden in zeker 29 gemeenten het doelwit van vandalen

Vandaag begint Pride in Amsterdam. Het ANP stuurde in aanloop daarnaartoe een enquête aan alle 342 Nederlandse gemeenten, waarvan er 222 reageerden. Van die gemeenten zeggen er 98 dat ze regenboogzebrapaden of andere symbolen hebben.
Die symbolen worden soms het doelwit van vandalen, zeggen de gemeenten. In een derde van de gemeenten met zo'n symbool is dat gebeurd. Zo zijn in Maastricht, Wijk bij Duurstede en Vlissingen met opzet bandensporen achtergelaten op de paden, en zijn regenboogtegels in Hoofddorp met hakenkruizen beklad.
In 2023 werd in Eindhoven een regenboogvlag gestolen bij het pand van belangenvereniging COC. Daar werd prompt een nieuwe opgehangen:

Een regenboogzebrapad is bedoeld om aandacht te vragen voor diversiteit en acceptatie van de lhbtiq+-gemeenschap. Het eerste regenboogzebrapad werd in 2013 in Utrecht aangelegd. In sommige gemeenten zijn de regenboogpaden daadwerkelijk een zebrapad, terwijl andere gemeenten vanwege de verkeersveiligheid de gekleurde strepen bijvoorbeeld op de stoep hebben aangebracht.
Bankjes en een regenboogtrap
Inmiddels hebben minstens 71 gemeenten een of meer regenboogpaden. Ook zijn er 27 gemeenten die in plaats daarvan een ander symbool voor diversiteit hebben geplaatst. Dit zijn meestal regenboogkleurige bankjes, maar er zijn gemeenten die voor andere opties kiezen. Zo zijn er in de gemeente Delft een bontgekleurde tunnel en een elektriciteitskastje en heeft Leeuwarden een regenboogtrap.
Van de 119 gemeenten die antwoordden dat er nog geen regenboogzebrapad in de gemeente ligt, zijn er 15 die aangeven dat het in de toekomst 'misschien een optie is'.
