Ter dood veroordeelde Amerikaan na 41 jaar uit cel, DNA-bewijs pleit hem vrij

Carter werd in 1985 veroordeeld voor de moord op Eva Olesen (57). Zij werd in haar huis in Provo, Utah, ongeveer 70 kilometer ten zuiden van Salt Lake City, meerdere keren gestoken en vervolgens in haar achterhoofd geschoten.
Hij werd destijds veroordeeld op basis van een bekentenis en de verklaringen van twee getuigen. Op een deurknop en het handvat van het mes waarmee Olesen werd gestoken, werden DNA-sporen gevonden. Ruim vier decennia later is dat DNA opnieuw onderzocht en blijkt het niet van Carter te zijn.
Er was ook bij het oorspronkelijke onderzoek geen fysiek bewijs dat Carter aan de plaats delict koppelde. Toch werd hij ter dood veroordeeld.
Bekentenis was belangrijk bewijs
De twee getuigen beweerden dat Carter had opgeschept over het doden van Olesen. Carter heeft altijd gezegd dat zijn bekentenis vals was. Volgens hem werd hij tijdens het verhoor herhaaldelijk bedreigd en zag hij zich daardoor gedwongen te tekenen.
Ook de twee getuigen kwamen later terug op hun verklaringen.
Amerikaanse man zat 38 jaar onterecht vast voor moord
In 2011 werden de getuigen in Mexico opgespoord. Daar vertelden ze dat ze destijds opdracht hadden gekregen om over Carter te liegen. Ze verklaarden ook dat de politie hun contant geld en cadeaus had gegeven en dat hun was opgedragen daarover niets te zeggen.
Volgens de getuigen werden zij en hun zoon bedreigd met deportatie als ze Carter niet zouden beschuldigen. De verklaringen werden later belangrijk in de rechtszaak van Carter.
Politie zou ander bewijs hebben achtergehouden
Volgens de advocaten van Carter waren er ook aanwijzingen voor andere mogelijke verdachten. Zo zouden getuigen een blanke man van de plaats delict hebben zien wegrennen. Ook zou een rechercheur bewijs hebben achtergehouden dat wees in de richting van andere verdachten, onder wie de echtgenoot van Olesen, Orla Olesen.
De advocaten stellen dat aanklagers op het punt stonden Orla Olesen aan te klagen, maar dat een luitenant van de politie in Provo hen vroeg dat niet te doen. Hij zou het onderzoek zelf hebben willen voortzetten. Kort daarna kwam Carter als verdachte in beeld, blijkt uit rechtbankdocumenten, schrijft persbureau AP.

Of Orla Olesen daadwerkelijk bij de moord betrokken was, is niet vastgesteld. Hij overleed in 2009. Hij verklaarde destijds dat hij zijn vrouw dood in hun huis had gevonden: gedeeltelijk ontkleed en met haar handen achter haar rug vastgebonden.
'Meerdere gevallen van opzettelijk wangedrag'
Na jaren van juridische procedures bepaalde het Hooggerechtshof van Utah vorig jaar dat er een nieuw proces moest komen. Volgens het hof waren er 'meerdere gevallen van opzettelijk wangedrag' door de politie en een openbaar aanklager.
Daarna werd het oude bewijsmateriaal opnieuw onderzocht. De rechter die gisteren over de vrijlating van Carter besloot, zei dat het nieuwe DNA-bewijs de zaak tegen hem verder ondermijnt. Hij sluit alleen niet uit dat een jury nog steeds tot de conclusie kan komen dat Carter Olesen heeft vermoord.
Nieuw proces
Het nieuwe proces staat voor volgend jaar gepland. Vorige week besloten de openbare aanklagers om in ieder geval de doodstraf niet langer te eisen.
De aanklacht voor moord met verzwarende omstandigheden blijft voorlopig wel bestaan. De aanklagers zeggen dat ze het overgebleven bewijs verder willen onderzoeken.
"Als het aan de staat Utah had gelegen, zou hij 15 of 20 jaar geleden al zijn geëxecuteerd, voordat we het wangedrag ontdekten", zei advocaat Hamilton. Hij riep de aanklagers op om de aanklacht tegen Carter helemaal te laten vallen.
Na meer dan 41 jaar in de dodencel wacht Carter nu buiten de gevangenis, met een enkelband, op de volgende stap in zijn zaak.

