Laden

RTL Z

Nederlandse dochterbedrijven van staatsoliebedrijf Venezuela in het vizier van Trump

Mathijs Smit··Aangepast: 
Nederlandse dochterbedrijven zijn decennialang van cruciaal belang geweest voor het staatsoliebedrijf van Venezuela. Dat blijkt uit onderzoek door RTL Z. Gaat de Amerikaanse president Trump, nu hij de Venezolaanse olie-industrie wil overnemen, ook jagen op deze Nederlandse bedrijven? Het is de vraag of er nog veel te halen valt.Maak RTL je Google-favoriet
© ANPNederlandse dochterbedrijven van staatsoliebedrijf Venezuela in het vizier van Trump

Een statig kantoorgebouw uit de jaren 50 in het deftige Haagse Statenkwartier was bijna twee decennia lang het onderkomen van PDVSA Services, een belangrijk dochterbedrijf van het ooit zo rijke en succesvolle staatsoliebedrijf PDVSA (Petróleos de Venezuela SA).

Miljardenbedrijf

Ad Verhoeff, die er begin jaren 80 kwam werken, herinnert zich nog de prille start. "In 1976 nationaliseerden de Venezolanen de buitenlandse oliebedrijven in het land, waaronder Shell. Zo'n zeven jaar later namen zij ook de wereldwijde inkoop van producten en diensten ten behoeve van de olie-industrie in eigen hand. In Europa werd daarvoor PDVSA Services opgericht."

PDVSA Services was vanaf het begin een indrukwekkende onderneming. Volgens Verhoeff, die er opklom tot operationeel manager, begon het inkoopkantoor met zo'n tien werknemers en een jaarbudget van 500 miljoen dollar. Met pieken en dalen zou dat uitgroeien tot een veelvoud daarvan. "Toen ik in 2012 met pensioen ging, werkten er zo'n 80 man, en kochten wij jaarlijks voor bijna twee miljard dollar in", aldus Verhoeff.

Die omzetstijging kwam mede door de in 1999 aangetreden socialistische president Hugo Chávez, herinnert de oud-inkoopmanager zich. "Chavez gebruikte de olieopbrengsten voor maatschappelijke projecten. Daardoor moesten wij ook producten gaan inkopen die niets met de olie-industrie te maken hadden, zoals autobussen, treinstellen en melkpoeder."

Belangen in raffinaderijen

Het Haagse inkoopkantoor was niet het enige Nederlandse dochterbedrijf van het machtige Venezolaanse staatsolieconcern. De Venezolanen hadden ook twee Nederlandse vennootschappen opgericht, waarin zij een aantal waardevolle Europese belangen onderbrachten.

PDVSA (spreek uit: Pedevesa) was in Venezuela vooral actief in de opsporing en winning van aardolie, maar wilde die olie ook overal raffineren en verkopen. Om dat makkelijker te maken, namen de Venezolanen in de jaren 80 grote belangen in Amerikaanse en Europese bedrijven met raffinaderijen, pijpleidingen, olietanks en benzinestations.

Cruciaal

Zo kregen de Venezolanen de helft van de aandelen in de raffinaderijen van Ruhr Öl in handen, een samenwerking met het Duitse energieconcern Veba (later BP). Ook werden zij eigenaar van de helft van Nynäs, een Zweeds raffinagebedrijf gespecialiseerd in zware olie en asfalt.

"Deze joint ventures waren cruciaal voor de toegang van PDVSA tot Europese markten", benadrukt oud-inkoopbaas Verhoeff. Het juridische eigendom van deze kostbare Europese belangen brachten de Venezolanen onder in de Nederlandse vennootschappen Propernyn en PDV Europa.

Ook herbergden deze bedrijven het eigendom van Bopec, het olieopslagbedrijf in Bonaire. Dat geldt overigens niet voor de in Nederland bekende voormalige Shell-raffinaderij Isla op Curaçao (foto onder). Die raffinaderij werd decennialang door PDVSA gehuurd, maar was nooit eigendom. Het Haagse inkoopbureau verzorgde wel de onderhoudsdiensten ervan.

© ANPAfbeelding

Gezien het grote belang dat zij ooit hadden, lijkt het logisch dat PDVSA Services, Propernyn en PDV Europa ook de interesse wekken van Donald Trump. Na de inval in Venezuela op 3 januari bleek immers al snel dat de Amerikaanse president niet alleen uit was op de arrestatie van zijn ambtgenoot Nicolás Maduro, maar ook op de overname van de olie-industrie van het Zuid-Amerikaanse land.

Rijke buit voor Trump

Met de opbrengsten van de rijke olievoorraden van Venezuela wil Trump Amerikaanse bedrijven onder meer schadeloos stellen voor de bezittingen die zij tijdens een tweede nationalisatiegolf sinds 2007 onder Chávez en Maduro verloren.

Lees ook

Waarom Trump op olie in Venezuela aast: 'Invloed China en Rusland verkleinen'

Goed mogelijk dus, dat ook de bezittingen van PDVSA in Nederland in het vizier van de Amerikanen komen. Sterker nog: een van de grote Amerikaanse olieconcerns die destijds haar belangen in Venezuela kwijtraakte, zit al achter de waardevolle bezittingen van de Nederlandse vennootschappen aan.

Miljardenclaim

Dat bedrijf, ConocoPhillips, diende na de onteigening een miljardenclaim in die werd toegekend door internationale arbitragerechtbanken. Omdat Venezuela niet betaalt, legden de Amerikanen beslag op de bezittingen van het land, en proberen die te verkopen. Daaronder ook het bezit van het staatsoliebedrijf PDVSA in Nederland.

Gerechtsdeurwaarder Henk Oude Elferink, die door een Nederlandse rechter is aangewezen om in dat kader de aandelen van Propernyn te verkopen, zegt dat dit na jarenlange rechtszaken nu gepland staat voor februari. "Door alle recente ontwikkelingen is er opeens weer beweging in het dossier gekomen, zoals nieuwe geïnteresseerde kopers", aldus de deurwaarder.

"Een groot probleem is dat het lastig is om vast te stellen hoeveel die aandelen nu precies waard zijn", zegt Oude Elferink. "Wij hebben daarvoor specialisten in de arm genomen. Maar ik denk eigenlijk: het is wat de gek er voor geeft."

Waarde verdampt

De vraag naar de waarde is terecht. Want onderzoek leert dat de ooit zo kostbare belangen van PDVSA in Nederland inmiddels grotendeels zijn verdampt. Dat is het gevolg van de totale ineenstorting van de Venezolaanse olie-industrie, vooral na het aantreden van president Maduro in 2013.

Lees ook

Nicolás Maduro: de buschauffeur die het tot president schopte – en nu is opgepakt door de VS

Als gevolg van wanbeleid, corruptie en Amerikaanse economische sancties kelderde de olieproductie van het Latijns-Amerikaanse land van 3,5 miljoen vaten in 1998 tot minder dan 1 miljoen vaten per dag. Omdat Venezuela op olie dreef, sleurde dat de hele economie van het land mee in zijn val.

Keihard geraakt

De malaise heeft ook de Nederlandse dochterbedrijven van PDVSA keihard geraakt. "Het grootste deel van mijn carrière was financiering geen enkel probleem", herinnert manager Ad Verhoeff van het Haagse inkoopbureau van PDVSA zich. "Maar in de jaren vóór mijn vertrek in 2012 konden wij wel steeds moeilijker zaken doen. Er was vaker sprake van achterstallige betalingen."

Ook Ronald Paternotte, die tussen 1992 en 2019 bij PDVSA Services in dienst was en daar opklom tot hoofd logistiek, herinnert zich de neergang. "Het was een fantastisch bedrijf om voor te werken, maar zeker ook veeleisend. Vooral de laatste twee, drie jaar waren steeds uitdagender, als gevolg van strengere Amerikaanse sancties."

Volgens Paternotte werden leveranciers kritischer, en trokken banken zich terug. "Wij moesten steeds vaker vooruit betalen, in plaats van achteraf. Soms konden wij onze rekeningen niet meer betalen, zelfs niet de salarissen van ons eigen personeel. Dat was een heel vervelende periode voor alle collega's", aldus de logistiek directeur. "Dan houdt het snel op." Uiteindelijk sloot het Nederlandse inkoopbedrijf in 2019 zijn deuren.

Raffinagebelangen

Ook het ooit zo kostbare bezit aan Europese raffinage- en opslagbelangen van de Nederlandse vennootschappen Propernyn en PDV Europa zijn geen schim meer van hun vroegere verschijning. Zo verkocht PDVSA zijn belang van 50 procent in de Duitse raffinaderijen van Ruhr Öl in 2011. Het Russische Rosneft betaalde er 1,6 miljard dollar voor.

© ANPAfbeelding

Ook van het bezit in Nynäs rest weinig meer. Nadat het Zweedse raffinagebedrijf vanwege het eigendom van de Venezolanen ging lijden onder de Amerikaanse sancties, brachten zij hun belang in 2020 terug tot een magere 15 procent. En Bopec ten slotte, met de olieterminals op Bonaire, ging in 2021 failliet. 

Kapers op de kust

Van de ooit zo kostbare belangen in Nederland is dus weinig meer over. En voor de restanten ervan blijken, naast ConocoPhillips, ook nog eens vele andere kapers op de kust. De Amerikaanse oliegigant is namelijk niet de enige schuldeiser van Venezuela die al jaren achter de belangen van de Nederlandse vennootschappen aanzit.

Lees ook

Antillen meegesleept in olieconflict tussen VS en Venezuela, crisis dreigt

Uit onderzoek door RTL Z blijkt dat Nederlandse rechters sinds 2017 tientallen uitspraken hebben gedaan in rechtszaken rond de Nederlandse vennootschappen PDVSA Services, Propernyn en PDV Europa. In veel van die zaken proberen buitenlandse schuldeisers beslag te leggen op de eigendommen van die bedrijven. 

Bonte groep schuldeisers

Het betreft een bonte groep schuldeisers van zowel het land Venezuela als het olieconcern PDVSA. Zij varieert van leveranciers die niet betaald kregen voor hun goederen en diensten tot bezitters van obligatieleningen die niet werden ingelost en bedrijven die werden gedupeerd door de onteigening van hun bezittingen in Venezuela.

Lees ook

Venezolanen in Nederland tussen hoop en vrees: 'Begin van het einde voor regime'

Deurwaarder Oude Elferink bevestigt het bestaan van meerdere claims op de Nederlandse vennootschappen. "Als wij de aandelen in Propernyn hebben verkocht, is ConocoPhillips niet de enige die aanspraak kan maken op de opbrengst. Vrijwel de hele advocatuur van de Zuidas is bij deze claimzaken betrokken, met uurtarieven tot 800 euro."

Triest

De oud-managers van de Haagse inkoopdochter PDVSA Services kijken met weemoed terug. "Het is triest dat het zo gelopen is", aldus Verhoeff. "Venezuela had heel rijk kunnen zijn, maar is heel arm. En de corruptie is inmiddels doordrongen tot alle lagen van de maatschappij", zegt Paternotte. "Tot vorig jaar had ik nog veel contacten met oud-collega's in het land, maar zij zijn inmiddels allemaal vertrokken. Ik kan me voorstellen dat Amerikaanse bedrijven die de olie-industrie zouden moeten herstellen, zeer terughoudend zijn."

Zie in onderstaand video wat president Trump wil met de olievoorraden van Venezuela:

Deel artikel