Hoe de oorlog in Iran onze economie raakt, in 5 kaarten en grafieken

De straat van Hormuz is eigenlijk maar een heel klein stukje zee, maar heeft een belangrijke rol in de wereldeconomie. Dagelijks varen er, onder normale omstandigheden, 100 tot 150 schepen door. Met name schepen met olie: zo’n 20 procent van de wereldwijde olie gaat langs de Straat van Hormuz. Daarnaast gaat er behoorlijk wat vloeibaar gemaakt gas (LNG) dat wij importeren via die vaarroute.
Het is dus vooral een doorvoerroute voor energie, maar ook elektronica, kunstmest, kleding en auto-onderdelen gaan door de zeestraat. Hieronder zie je hoe tankers die door de Straat van Hormuz varen hun olie, gas en andere producten naar havens over de hele wereld brengen.

Nu er een oorlog is uitgebroken in Iran, en er meerdere olietankers beschoten zijn door drones, durven rederijen hun normale handelsroute niet meer te bevaren. En als ze het wel durven, zijn de verzekeringspremies voor de schepen inmiddels zo hoog, dat dat ze wel tegenhoudt. De normaal zo drukke handelsroute is sinds dit weekend zo goed als stilgevallen. Volgens de website MarineTraffic is er 90 procent minder verkeer in de zeestraat dan vorige week.
Gasprijs omhoog
Omdat de Straat van Hormuz dus vooral belangrijk is voor het vervoer van energieproducten is dat ook precies waar de grootste klappen vallen. Met name de prijs van gas is in korte tijd hard gestegen en stond woensdag inmiddels rond de 53 euro per megawattuur. Op 27 februari was dat nog 32 euro. Wie een dynamisch energiecontract heeft - begin dit jaar waren dat nog bijna 1 miljoen Nederlanders - kan de gevolgen snel gaan ondervinden.

Olie- en benzineprijs omhoog
Ook de prijs van olie gaat omhoog. Het is niet zo dat de olie die door de Straat van Hormuz gaat normaal naar ons zou gaan. Zo’n 90 procent van de olie die langs de zeestraat gaat, gaat namelijk naar Azië. Maar we kunnen op korte en lange termijn wel last krijgen van een hogere olieprijs.

Benzineprijs kan verder stijgen
De benzineprijs is bijvoorbeeld nu al gestegen. Als de oorlog lang duurt en Iran erin slaagt om de olie-installaties van buurlanden langdurig uit te schakelen, kan de benzineprijs verder stijgen naar 3 euro per liter, zo waarschuwden economen van de Rabobank gisteren. Daarnaast kan de energierekening voor huishoudens stijgen naar gemiddeld 400 euro per maand.

De economen werkten drie scenario’s uit. In het beste scenario blijven de benzineprijzen rond het huidige niveau van 2,25 euro per liter en stijgt de inflatie een beetje.
Als het Iraanse regime erin slaagt om de straat van Hormuz blijvend af te sluiten kan de benzineprijs stijgen naar 2,50 per liter. En in het zwartste scenario kost een liter benzine dus 3 euro. Dan zou het wel 'volledig uit de hand lopen', aldus Rabobankeconoom Igor Dzambo. "Dat ligt nog echt heel ver van het scenario waar we op dit moment vanuit gaan." Tegelijkertijd zijn er nu al wel productielocaties in de regio geraakt, dus helemaal ondenkbaar is het niet.
Hoe lang gaat het duren?
De grote vraag is dus vooral: hoelang gaat deze oorlog duren en in hoeverre wordt belangrijke energieinfrastructuur geraakt? Een langdurige gascrisis kan, zoals we bij de start van de oorlog in Oekraïne hebben gezien, zorgen voor stijgende prijzen op veel fronten. En dat zou weer effect kunnen gaan hebben op de economische groei.
De vraag is of de Amerikaanse president het zover wil laten komen. In november van dit jaar zijn er verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden en de Senaat in de Verenigde Staten. En met hogere prijzen maak je je niet populair.