Gasbeleid drastisch op de schop: kabinet wil af van dure vulplicht

De huidige regels voor het vullen van gasvoorraden zijn volgens het ministerie van Klimaat en Groene Groei niet meer houdbaar. De gasmarkt is flexibeler geworden sinds we geen Russisch gas meer willen importeren en er veel meer vloeibaar gas (LNG) per schip ons land binnenkomt, aldus het ministerie. Ook daalde het gasverbruik sinds de crisis van 2022 met een kwart.
Vullen gaat moeizaam
Door die veranderende gasmarkt gaat het vullen van de gasopslagen in de zomermaanden moeizamer. In de eerste plaats is dat een taak voor de markt, maar die laat het afweten. Omdat de inkoopprijs van gas in de zomer inmiddels hoger ligt dan de verkoopprijs in de winter, is het voor deze partijen minder aantrekkelijk om de opslagen te vullen.
Om alsnog voldoende gas op voorraad te hebben voor de winter, moet de staat bijspringen. Staatsbedrijf EBN geeft dit jaar een 1 miljard euro belastinggeld uit om gas in te kopen.
Gasvoorraden nog niet eens halfvol: energierekening omhoog bij strenge winter
Die vulopdracht is niet alleen nodig om te kunnen voldoen aan de vraag naar gas in de winter, maar die is ook Europees vastgelegd. Voor Nederland is dat doel recent al verlaagd met 10 procent, naar 64 procent, omgerekend 93 terawattuur. De Europese Commissie besloot dit in de hoop de vraag te temperen, en daarmee ook de prijzen. Die lopen steeds verder op door de onrust in het Midden-Oosten.
Doorn in het oog
Verlaagd of niet: de vuldoelen zijn het kabinet een doorn in het oog. Vooral omdat bij het bepalen van dat vuldoel wordt gekeken naar de vulcapaciteit per land. Nederland heeft veel opslagruimte ten opzichte van andere landen, en moet daarom volgens het ministerie buitenproportioneel veel vullen.
Ook Duitsland, Oostenrijk, Italië en Spanje hebben relatief grote opslagen. Samen zijn de landen goed voor twee derde van de totale opslagcapaciteit. Landen met een relatief kleine opslag profiteren daar weer van. Want het door Nederland opgeslagen gas gaat soms ook naar andere Europese landen, zoals België. Omdat de gasmarkt nu aanmaal niet bij de grens ophoudt.
Nederland pleit nu voor een ander systeem, vanaf de winter 2028/2029. Daarbij moet voor het bepalen van het vulpercentage van de seizoensopslag worden gekeken naar het gasverbruik van het land. En niet naar de opslagcapaciteit. Ook moet de markt een grotere verantwoordelijkheid krijgen om een minimale hoeveelheid aan te leggen. Hoe het kabinet dit wil afdwingen, is nog niet duidelijk.
Het kabinet is daarbij voor een groot deel afhankelijk van besluitvorming in de Europese Unie. De Europese Commissie zou ook van de vuldoelen afwillen, meldde nieuwssite Politico onlangs. Maar het is nog onduidelijk wat ervoor in de plaats komt.
Crisissituatie
Verder is het kabinet begonnen met het aanleggen van een strategische noodvoorraad van gas. Die mag alleen worden gebruikt in het geval van een crisissituatie. Dus als er een grote verstoring van de gaslevering is en er fysieke tekorten dreigen te ontstaan.
Dat gas mag niet worden gebruikt om de prijzen te dempen. Volgens de Europese regels is dat niet toegestaan. Bovendien verwacht het kabinet dat het effect daarvan beperkt is.
Gasunie waarschuwt: vullen gasopslagen gaat moeizaam
Het kabinet zet voorlopig in op een noodvoorraad van 5 terawattuur, goed om een crisis van twee weken (5 tot 10 dagen in koude winterweken) door te komen. Volgens het kabinet is dat nu genoeg, omdat Nederland zich nog moet houden aan de vuldoelen. Er zit daardoor al meer gas in de Nederlandse opslagen dan in een normale winter nodig is.
5 terawattuur
Eind vorig jaar kreeg staatsbedrijf EBN al een subsidie om een tijdelijke noodvoorraad van 5 terawattuur in Alkmaar aan te leggen. Maar die hoeveelheid moet vanaf volgend jaar dus blijvend zijn, staat in de brief.
Het aanleggen van die strategische opslag van 5 terawattuur kan tot 65 miljoen euro per jaar kosten. Dat geld zal worden opgehaald via een opslag op de energierekening van consumenten.
Grotere noodvoorraad
Als de regels rondom de verplichte vuldoelen veranderen, wil het minderheidskabinet in debat met de Kamer over een nog grotere noodvoorraad. Er is gekeken naar scenario's voor een crisissituatie van wel 90 dagen. Hoeveel er uiteindelijk bij moet, is afhankelijk van het soort crises waartegen Nederland zich wil wapenen en wat dat mag kosten.
Er zijn al andere EU-landen die zo'n (tijdelijke) strategische voorraad hebben, zoals Denemarken, Spanje en Oostenrijk.
Niet genoeg
Volgens de GasUnie is een strategische voorraad van twee weken een stap in de goede richting, maar niet voldoende om een verstoring die langere tijd duurt het hoofd te bieden.
Het gastransportbedrijf GTS (dochterbedrijf van GasUnie) wijst op de Nederlandse afhankelijkheid van gas uit het buitenland en adviseert een strategische buffer die rekening houdt met een crisis van enkele maanden.


